Heffingsmaatstaf bij verkrijging aandelen in onroerendezaakrechtspersoon (art. 10 WBR)
1 AlgemeenIn art. 10 WBR is een bijzondere maatstaf van heffing opgenomen voor de verkrijging van aandelen in een onroerendezaakrechtspersoon (OZR). Voor de maatstaf van heffing wordt aangesloten bij de waarde van de onroerende zaken die de onroerendezaakrechtspersoon bezit. In tegenstelling tot art. 9 WBR is de tegenprestatie niet relevant. Derhalve blijft ook een vergoeding die in het kader van art. 13 WBR wordt betaald buiten beschouwing.Tot 1 januari 2021 bepaalde de aard van…
Verder lezen?
Om dit document te kunnen bekijken, moet u ingelogd zijn.
Geen inloggegevens?
Heeft uw kantoor een abonnement, dan is het aanvragen van extra inlogcodes gratis en kunt u deze hier aanvragen.
Heeft uw kantoor geen abonnement? Bekijk hier de abonnementsopties en prijzen.
Gratis studentenabonnement
Voor (voltijd) studenten is een gratis studentenabonnement beschikbaar. Bent u als student verbonden aan een notariskantoor dat een abonnement heeft, dan voegen wij u kosteloos toe aan het kantoorabonnement.
Gebruikers van Via Juridica
Bekijk alleWet- en regelgeving
Artikel 10
Artikel 10
De waarde van aandelen en rechten, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, is gelijk aan de waarde van de goederen als bedoeld in artikel 2, welke door die aandelen of rechten middellijk of onmiddellijk worden vertegenwoordigd, met dien verstande dat de waarde van de goederen, bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdeel y, buiten beschouwing blijft.
Kennisdossiers
| Titel | Categorie |
|---|---|
| Titel Maatstaf van heffing | Categorie Belastingrecht |
Rechtspraak
| Titel | Instantie | Datum | Nummer |
|---|---|---|---|
| Geen ruimte voor vermindering van middellijk aandelen in onroerende zaak bij verkrijging van aandelen in ozr | Instantie Rechtbank Den Haag | Datum 31-05-2024 | Nummer ECLI:NL:RBDHA:2024:8423 |
| Heffingsmaatstaf overdrachtsbelasting niet gelijk aan koopprijs aandelen wanneer verkoopregulerend beding is overeengekomen | Instantie Hoge Raad | Datum 21-04-2023 | Nummer ECLI:NL:HR:2023:650 |
| Fraus legis bij samenstel van rechtshandelingen gericht op verijdeling van overdrachtsbelasting | Instantie Hoge Raad | Datum 03-02-2017 | Nummer ECLI:NL:HR:2017:126 |
Literatuur
| Titel | Auteur(s) | Bron |
|---|---|---|
| Titel Oude Kennisgroepstandpunten overdrachtsbelasting | Auteur(s) A. Rozendal | Bron FBN 2024/16 |
| Titel De doorkijkarresten van 30 november 2018 | Auteur(s) A. Rozendal | Bron FBN 2018/57 |
| Titel Bedrijfsopvolgingsregeling voor onroerendezaakrechtspersonen in de overdrachtsbelasting | Auteur(s) T.C. Hoogwout | Bron FTV 2018/48 |
| Titel Artikel 10 WBR: ook heffing van overdrachtsbelasting over vastgoed in (klein) dochtervennootschappen? | Auteur(s) J.C. van Straaten | Bron FBN 2017/13 |
| Titel De heffingsmaatstaf in de overdrachtsbelasting bij de verkrijging van aandelen in onroerendezaakrechtspersonen | Auteur(s) A. Rozendal | Bron WFR 2017/102 |